De zorgrunner

Felicia, tweedejaars student Media en Communicatie, wilde ook eens een bijbaan buiten de supermarkt en horeca. En het leek haar altijd al leuk om in de zorg te werken. Ook al had ze geen enkele ervaring, ze greep haar kans om als zorgrunner aan de slag te gaan bij ouderenzorgorganisatie Zinzia, locatie Rumah Kita in Wageningen. Wat doet een zorgrunner? En hoe is het om als zorgrunner te werken? Dit is het verhaal van Felicia.

Bijbaan in de zorg. Word zorgrunner!

Een vriendin wees haar op een post over zorgrunners en de rest is geschiedenis. In haar inwerkperiode bij Rumah Kita ontdekte ze welke cliëntendoelgroep het beste bij haar past. “Het is belangrijk om op je plek te zijn. Ik werk het meest bij mensen met beginnende dementie. Met deze bewoners kan ik nog een gesprek voeren en leuke dingen doen, zoals wandelen en een spelletje doen.”

Een werkdag van Felicia
Tussen 7.00 en 9.00 uur
Felicia start haar dienst met een vrolijke “Goedemorgen!”. Meteen in de startblokken, want een aantal bewoners zitten al klaar voor het ontbijt. “Ik vraag wat ze op brood willen en snijd, knip of blend dit. En ik maak voor iedereen een heerlijk kopje koffie of thee en een gezonde smoothie.” Afwisselend helpt ze zorgcollega’s met bewoners aankleden, wassen en klaarmaken voor de dag. “Als zorgrunner ben je een echte duizendpoot. Je helpt waar dat nodig is.”

Tussen 10.00 uur en 13.00 uur
Tijd voor koffie met een koekje. Daarna zorgt ze dat bewoners klaar zijn voor een afspraak. “Mevrouw heeft een afspraak bij de kapper voor een frisse coupe. Ik zorg dat ze op tijd bij onze kapsalon is. En meneer krijgt vandaag zijn dochter op bezoek en wil graag een wandeling maken. Ik breng hem in zijn rolstoel naar de lift, waar hij met smart op haar wacht.” Om 11.00 staan de voorbereidingen voor de lunch op de planning. “Ik zet de stoommaaltijden in de oven en dek de tafels.” Aan tafel wil een mevrouw niet eten. “Dat komt voor. Ik probeer mevrouw dan te stimuleren om te eten, door naast haar te zitten en een praatje te maken. Ook dat doe je als zorgrunner.”

Tussen 13.00 en 17.00 uur
“Na het eten breng ik een aantal bewoners naar hun kamer voor een middagdutje en met anderen maak ik fruit klaar voor bij de koffie en thee.” Om 16.00 uur start Felicia - ook weer samen met bewoners - met de voorbereiding voor het avondeten. “Tussendoor spelen we een gezellig potje kaarten. Daar genieten de bewoners van en dat vind ik leuk. Om 17.00 gaan de bewoners aan tafel en dan zit mijn dienst erop. Weer een leuke dag met veel afwisseling en blije gezichten. Het is fijn om je nuttig te voelen.”

Wassen van mensen? No way
Dat dacht Felicia ook. Totdat een collega vroeg of ze het wilde proberen en leren. “Het is geen vaste taak, maar je kunt meer dan je denkt. Een bewoner vertelt veel tijdens het wassen en toont interesse. Het verwarmt de band en dat maakt het ook bijzonder. Het is iets heel persoonlijks. Stel je voor dat je het zelf niet meer kan, dan is het toch fijn om hulp te krijgen? Nee, ik vond het helemaal niet zo erg. Ik kan iets voor iemand betekenen en ondersteun mijn collega’s ook op dit gebied.”

Het maakt mijn dag
In het begin vond Felicia een gesprek aangaan met bewoners best lastig. Dat veranderde toen ze in een vast team ging werken en de bewoners beter leerde kennen. “Ik vind het echt gezellig met ze. Deze mensen hebben al zoveel meegemaakt en het heeft iets emotioneels dat ze hun verhaal met me willen delen. Ik kan ze echt aandacht geven en dat maakt ook weer mijn dag.”